Ga direct naar de inhoud

Meld je nu aan en ontvang

5% KORTING

Smeltpunt van aluminium

Inhoudsopgave

    aluminium smeltpunt

    Het smeltpunt van aluminium ligt op 660,32 °C, een van de laagste smeltpunten onder de gangbare constructie metalen. Wil je aluminium zelf omsmelten, dan bepaalt die temperatuur welke smeltoven je nodig hebt en hoeveel gas een sessie kost. 

    Wat is het smeltpunt van aluminium?

    Het smeltpunt van zuiver aluminium is 660,32 °C. Omgerekend komt dat neer op 1220,58 °F of 933,47 kelvin. Die waarde geldt voor aluminium met een zuiverheid van 99,9 procent of hoger, zoals het in normtabellen wordt vastgelegd. In de praktijk wordt vaak kortweg 660 °C aangehouden.

    Verwarm je door, dan verdampt aluminium pas bij een veel hogere temperatuur, ver buiten het bereik van een normale smeltsessie. Voor bijna elke praktische toepassing is die 660 °C het getal dat telt. Op dat punt wordt vast aluminium vloeibaar en kun je het gieten. Het is ook de reden dat aluminium een van de makkelijkere metalen is om mee te beginnen.

    Waarom heeft aluminium een laag smeltpunt?

    Aluminium heeft een laag smeltpunt doordat de bindingen tussen de atomen minder energie vasthouden dan bij zwaardere metalen. Er is dus minder warmte nodig om het rooster los te maken en het metaal vloeibaar te krijgen.

    Ter vergelijking: koper smelt pas bij 1.085 °C en ongelegeerd staal smelt ergens tussen de 1.370 en 1.510 °C. Met 660,32 °C zit aluminium daar ruim onder, nog geen helft van het smeltpunt van staal. Toch is aluminium niet het laagste onder de gietmetalen. Tin en zink smelten al bij respectievelijk 232 °C en 420 °C, terwijl brons en messing juist boven aluminium liggen.

    Die lage smelttemperatuur verklaart waarom aluminium zo gewild is om te gieten en te recyclen. Je hebt minder brandstof nodig om een lading vloeibaar te maken, en het metaal is na een pauze snel weer op temperatuur. Voor wie thuis wil gieten, is dat lage smeltpunt een groot voordeel: een eenvoudige gasoven volstaat al.

    Smeltpunt van aluminium legeringen

    Aluminiumlegeringen hebben geen vast smeltpunt maar een smelttraject: een temperatuurbereik waarin het metaal geleidelijk van vast naar vloeibaar gaat. Dat komt door de toegevoegde elementen, die elk hun eigen invloed hebben.

    Silicium verlaagt het smeltpunt en verbetert de gietbaarheid, wat het een geliefd element maakt in gietlegeringen. Koper verhoogt de sterkte maar maakt de legering gevoeliger voor corrosie, en magnesium verbetert de hardheid en de lasbaarheid. Ook zink en mangaan komen veel voor.

    Afhankelijk van de samenstelling ligt het smelttraject van gangbare legeringen tussen 570 en 660 °C. Constructielegeringen uit de 6000-serie zitten dicht tegen zuiver aluminium aan, terwijl gietlegeringen met veel silicium duidelijk lager smelten. Werk je met een specifieke legering, kijk dan naar het opgegeven traject en niet naar de 660 °C van zuiver aluminium.

    Smeltpunt van aluminium blikjes

    Aluminium blikjes bestaan uit een legering en hebben daardoor een smelttraject dat iets onder dat van zuiver aluminium ligt, ruwweg tussen 630 en 660 °C. Blikjes zijn populair om thuis te smelten, omdat ze dun en overal gratis te vinden zijn.

    Toch zijn er een paar dingen om op te letten. De lak- en coatinglaag verbrandt bij verhitting en geeft rook, dus werk altijd buiten of met goede afzuiging.

    Daarnaast levert een blikje weinig op: leeg weegt het maar een paar gram, en een flink deel gaat verloren als slak en oxide. Voor een bruikbare gietklomp verzamel je al snel enkele tientallen blikjes. Wil je serieus gieten, dan zijn schone aluminium blokken of gietresten efficiënter dan blikjes.

    Zelf aluminium smelten met een smeltoven

    Om aluminium zelf te smelten heb je een smeltoven nodig die ruim boven de 660 °C komt. Een gasgestookte smeltoven haalt die temperatuur moeiteloos en houdt het metaal vloeibaar terwijl je aan het gieten bent.

    Het aluminium smelt je niet los in de oven, maar in een smeltkroes: een hittebestendige pot die de warmte doorgeeft en het vloeibare metaal vasthoudt. Zodra het aluminium vloeibaar is, schep je de oxidelaag eraf. Daarna giet je het over in een gietvorm van grafiet of in gietzand, afhankelijk van de gewenste vorm.

    Laat de kroes en de vorm vooraf goed drogen en opwarmen. Vocht in het metaal of de vorm veroorzaakt namelijk spatten. Werk altijd in een geventileerde ruimte met hittebestendige handschoenen en een veiligheidsbril, omdat vloeibaar aluminium van ruim 700 °C hevig straalt en spat.

    Ga je zelf aan de slag met gieten? Bij Parrot Shopping vind je de smeltovens, smeltkroezen en gietvormen om veilig met aluminium te werken. Ons team geeft je persoonlijk advies als jouw gids in het smeedvak.

    Vorig bericht Volgend bericht

    Inhoudsopgave

      Laat een reactie achter